
Hoe je de juiste warmte in je badkamer krijgt (zonder energie te verspillen)
Het kiezen van de juiste vermogenssterkte voor je infraroodverwarmer is niet moeilijk. Maar als je het verkeerd doet, ga je ofwel rillen of juist oververhitten. Veel mensen letten alleen op de “IP44”-classificatie. Dat is gewoon een manier om aan te geven dat de apparatuur goed afgesloten is, zodat spatjes en stof de elektronica niet kunnen beschadigen. Dit zorgt voor veiligheid, maar het maakt de ruimte niet per se warmer. Daarvoor moet je kijken naar de vermogenssterkte.
Hoeveel vermogen heb je eigenlijk nodig?
Je wilt natuurlijk niet zomaar de grootste lamp kopen die er is. Als je een 1000W-apparaat in een piepkleine badkamer plaatst, zal de ruimte al na een paar seconden oververhit raken. Je thermostaat zal dan voortdurend aan en uit gaan, waardoor de relais eerder kapotgaan dan nodig is.
Voor kleine badkamers (onder 4 m²) is een vermogen van 250W tot 400W voldoende. Dat is genoeg om de koude te verdrijven.
Als je een middelgrote ruimte hebt (4 m² tot 8 m²), heb je 600W tot 800W nodig. En voor grote slaapkamers of ruimtes met hoge plafonds? Kies dan voor 1000W of meer.
Hier is het trucje: infraroodverwarmers verwarmen de lucht niet, maar juist jou. Denk na over waar je staat – onder de douche of bij de wastafel. Je wilt dat de warmtestralen deze plekken raken, in plaats van energie te verspillen aan het opwarmen van hoeken waar niemand komt.
De nadelen
Een hogere vermogenssterkte betekent dat je de warmte sneller voelt. Maar het vereist ook meer stroom van je elektrische systeem. Als je meerdere apparaten installeert, moet je zeker controleren of je bedrading en stopcontacten het aankunnen. Je wilt immers niet dat de stroom steeds uitvalt wanneer je doucht.
Ook nog een tip met betrekking tot kortegolflampen: ze verwarmen je huid onmiddellijk. Het is fijn wanneer het koud is, maar als de lamp te laag is, kan het zelfs te heet worden. Ik raad aan om ze op minimaal 2,1 meter hoogte te plaatsen. Op deze manier heeft de warmte de kans om zich te verspreiden.
Enkele tips voor de installatie
Aangezien we hier te maken hebben met water en elektriciteit, is het belangrijk dat alles goed afgesloten is. Wees voorzichtig bij het installeren van de apparatuur, zodat de gaskets niet beschadigd raken. Eén klein fold in het rubber kan al zorgen voor problemen.
Gebruik ook altijd de juiste kabelglanden. Het is een klein detail, maar het is het enige wat voorkomt dat vocht in de verbindingen terechtkomt en later problemen veroorzaakt.